“Ik dacht, ik kom nog even met je kletsen”, zegt de vrouw die ik eerder had ontmoet. “Ik las laatst een column van Maxim Februari, je weet wel die schrijver die vrouw was en man is geworden”. Ze gaat verder: “nou, hij schreef dus hoe veel het allemaal inhoudt, zo’n verandering en ik dacht ik ga eens even vragen hoe het met je gaat. Dus, hoe gaat  het met je?” 

Ze bedoelde dat een transitie geen kattenpis is en meer is dan zo maar even in het gewenste geslacht gaan leven. “Dat klopt”, zeg ik. “Deze zomer ben ik pas voor het eerst echt ontspannen. Geen vermoeidheid meer omdat ik nu klop. Sterker nog. Voor het eerst in mijn leven heb ik hartstikke veel energie. Ik weet er gewoon geen raad mee’. Ik lach haar toe. “Voor het eerst, hé!” Ik benadruk hoe bijzonder het is om me gewoon heel blij, positief en tof te voelen. “De transitie lijkt achter me te liggen. Ik ben vrienden met mijn lijf en geest en ook op sociaal gebied begin ik langzaamaan mijn plek te vinden. “Dus ja, veel veranderingen en nu best heel blij”. Ik kijk haar aan. “Wat lief dat je het vraagt”, besluit ik.

Ik had haar nog veel meer kunnen vertellen maar ik vond het voldoende zo. Ik had haar nog kunnen zeggen dat het, met mijn nieuwe zelf en mijn en haar hormonen soms best wel pittig is geweest tussen mijn partner en mij. Ik had nog kunnen vertellen dat ik nog steeds mijn plek in de wereld aan het bepalen ben. Van lange heteroseksuele man naar vrouw. Naar lesbiëne, naar transgender. Hoe onwerkelijk dat soms nog is. 

Ik heb het er bij gelaten. Er zijn zoveel verhalen te vertellen. Mooi dat ze naar me vroeg en dankjewel Maxim Februari voor je mooie colums.

Advertenties