“Eh, ja, even denken”. Ik weet niet meer precies hoe we er op komen maar ze vraagt me om een voorbeeld te geven hoe ik nog als mannen onder elkaar om ga met mijn zoon. “Bijvoorbeeld als hij op de bank zit en ik loop langs dat ik hem een snelle high give geef. Zonder woorden. Of dat ik een theedoek naar zijn hoofd gooi terwijl hij zit te leren. Gewoon, dat stoeien en uitdagen. Niet praten maar doen”. Met open mond kijkt ze me aan. “Klopt dat dan wel voor jou?”, vraagt ze. Ik laat haar vraag even doordringen. “Het is mijn zoon”, reageer ik zonder verder na te denken. “Dat doe ik gewoon en dit is een van de manieren om contact met elkaar te maken. Eigenlijk past het me niet meer, nee, maar zo erg is het ook niet. Het doet hem goed en dus is het voor mij ook goed”. “Echt waar?”, zegt ze verbaasd. “Is het goed om zo ruw te ravotten, elkaar soms pijn te doen en uit te dagen? Ik sta perplex. Mijn man doet het precies zoals jij nu zegt met onze zoon en ik verwijt hem steeds dat hij zo overdreven doet”. Verward kijkt ze me aan: “ik geloof dat ik dankjewel moet zeggen. Mannen zijn blijkbaar gewoon zo. Mijn zoontje vindt het ook zo heerlijk, dat stoere gedoe en mijn man ook. Ik vind het maar niets”, gaat ze verder. “Brr, dat elkaar maar opjutten en uitdagen”.

Ik snap precies hoe dat zit. Laatst ruimde ik een campingmatje op. Ik loop naar mijn zoon toe met het matje in mijn hand: “matten?”, zeg ik, en ik kijk hem uitdagend aan. Hij hoeft geen seconde na te denken, vliegt uit de stoel omhoog en probeert het opgerolde campingmatje uit mijn handen te trekken. Ik duw hem opzij en mep met het matje op zijn hoofd…

“Ergens heb ik het gevoel”, zeg ik tegen haar, “dat het ook gaat om het losmaken van de moeder. Het leren aan je zoon om op eigen benen te staan. Hem zijn grenzen laten opzoeken. Sparren. Ik weet het niet zeker hoor, zo voelt het”. Ze lacht, ze herkent blijkbaar wat ik bedoel. “Ik wil mijn zoontje het liefst heel dicht tegen me aan blijven houden”, zegt ze zacht. “Ik wil hem voor alle gevaren behoeden. Misschien is dat losmaken van mij wel niet zo gek”. Ik knik en glimlach. “Ik vind het zo leuk”, vervolgt ze, “ik vind het zo leuk dat jij én de mannenkant én de vrouwenbeleving kent. Echt heel leuk”.

Beetje klieren met mijn zoon voordat de show begint. Leuk toch?

Advertenties